Betalen voor
gebruik van muziek

Als je muziek draait in een training of workshop of als je de radio aanzet in je wachtruimte, dan moet je daar auteursrechten over betalen. Buma/Stemra en SENA beschouwen dat als het openbaar maken van deze muziek, en dat mag alleen als je daar een licentie voor hebt. 

Ook voor een stukje muziek op je website moet je betalen. Voor het gebruik van muziek in een individuele behandeling hoef je alleen te betalen aan SENA, bij Buma/Stemra is dit vrij.

Print E-mail

Hou je gewerkte uren bij!

Veel praktijkhouders halen hun inkomsten volledig uit de opbrengst van hun zelfstandige activiteiten als therapeut, coach, psycholoog, vrij gevestigd maatschappelijk werker enzovoort. In zo’n geval is het duidelijk dat je zelfstandig ondernemer bent. Dat wordt door de Belastingdienst dan ook als zodanig erkend.

Andere therapeuten of coaches voeren hun praktijk echter niet fulltime, maar hebben er (nog) een parttime baan bij. Ook in dat geval hebben ze een eigen bedrijf, maar het is niet zeker dat ze ook voor de Belastingdienst zelfstandig ondernemer zijn. Daarvoor moet je onder andere aan het zogenoemde urencriterium voldoen . Dit aantal gewerkte uren in je praktijk moet je bij controle kunnen aantonen. Het is dus erg belangrijk om te registreren welke uren je maakt voor je praktijk. Met zo’n urenboekhouding kun je immers bewijzen dat je voldoet aan de voorwaarden voor onder andere de zelfstandigenaftrek.

De urennorm kent twee criteria. Je moet per jaar minimaal 1225 uur daadwerkelijk in je eigen praktijk werken. Daarnaast moet dit aantal uren meer dan vijftig procent zijn van het totale aantal uren dat je in dat jaar gewerkt hebt, dus inclusief de uren in loondienst. In Jip en Janneke-taal komt het er op neer dat je net iets meer dan halve dagen in je eigen bedrijf moet werken, en dat je daarnaast voor minder dan halve dagen nog ergens in dienst mag zijn.

Wie minder dan vijf jaar geleden met zijn eigen praktijk is gestart, heeft alleen te maken met de norm van 1225 uur. Iemand die nog een baan heeft van drie of vier dagen per week, maar daarnaast op de resterende dagen en gedurende de avonduren aan de opbouw van zijn praktijk werkt, wordt ook als zelfstandig ondernemer gezien als hij aan voldoende aantal uren komt. Ondanks het feit dat er nog sprake is van een flink dienstverband, krijg je dan toch de aftrekposten die voor ondernemers bedoeld zijn.

Aparte agenda

Wil je aanspraak maken op de aftrekposten, dan moet je het aantal gewerkte uren in je eigen bedrijf wel kunnen aantonen. Het is dus nodig een urenboekhouding bij te houden. Dat kun je doen door het aantal uren op een Excel-sheet bij te houden, of gewoon in een aparte agenda. Het is wel van belang om die uren te specificeren. Leg dus precies vast welke uren je hebt besteed aan cliënten, aan voorbereiding, aan je administratie, intervisie, scholing, contacten met verwijzers, lezingen, workshops en andere vormen van presentatie enzovoort. Je moet ook kunnen aantonen en beargumenteren dat al deze activiteiten daadwerkelijk werk-gerelateerd zijn en dus nodig zijn voor het kunnen uitoefenen van je vak. Voor mensen die bezig zijn om te starten met hun praktijk geldt dat ook alle voorbereidingsuren mee kunnen tellen. Ook dan moet je kunnen aantonen wat je in die tijd precies hebt gedaan.

De Belastingdienst zal wel controleren of een en ander met elkaar in verhouding staat. Als je slechts een klein aantal cliënten hebt en je besteedt bijvoorbeeld 400 uur per jaar aan sessies, dan zal het niet geaccepteerd worden als je daarnaast 825 uur per jaar opvoert voor je administratie en verslaglegging, om zo aan de 1225 uur te komen. Waarom is het zo interessant om aan die urennorm te voldoen en dus de status te krijgen van zelfstandig ondernemer? Omdat het je erg veel geld scheelt! Zijn je inkomsten uit je parttime praktijk een bijverdienste, dan betaal je daar de volle mep aan belasting over. Word je gezien als zelfstandig ondernemer, dan krijg je flinke aftrekposten, die kunnen oplopen tot enkele duizenden euro’s per jaar. De belasting die je dan uiteindelijk over je verdiensten moet betalen is dan dus aanzienlijk lager. Alleen al de zelfstandigenaftrek is een aanzienlijk bedrag. Deze aftrekpost is afhankelijk van je winst. Is je winst minder dan € 13.465, dan bedraagt deze aftrekpost € 9096. Is je winst groter, dan neemt de aftrekpost wat af. Maar bij een winst van rond de € 50.000 is de aftrek toch nog ruim € 6300. Startende ondernemers krijgen in de eerste drie jaar nog een extra aftrekpost: de startersaftrek, die ruim € 2000 bedraagt. En tenslotte is er nog de winstvrijstellingsregeling voor kleine ondernemers. Volgens die regeling mag je nog eens tien procent van de winst in mindering brengen.

Verliescompensatie 

Naast deze aftrekposten, die  al een behoorlijke stimulans vormen om zelfstandig ondernemer te zijn, is er nog een ander belangrijk voordeel. Als je ondernemer bent, dan is je bedrijf bedoeld om winst te maken. Daar betaal je dan uiteraard belasting over. Maar het kan ook zijn dat je in een of meerdere jaren verlies draait. Je kosten zijn dan hoger dan je inkomsten. Als zelfstandig ondernemer geldt dan het principe van verliescompensatie. Je kunt dit verlies verrekenen met je overige inkomsten, bijvoorbeeld uit een parttime baan, of in bepaalde gevallen met inkomsten die je in vroegere jaren had. Op die manier kun je nog een aardig bedrag aan belasting terugkrijgen. Voor praktijkhouders die niet aan de urennorm komen, geldt deze verliescompensatie niet.

 

 
Banner